Champagne bij het diner

Bij een diner mag champagne meer diepte hebben. Een millésime of blanc de noirs is dan een mooie keuze. Deze stijlen hebben vaak meer structuur, rijping en karakter. Daardoor passen ze goed bij meerdere gangen, rijkere smaken en gerechten die om een serieuzer glas vragen.

Waarom millésimé of blanc de noirs goed past bij diner

Tijdens een diner verandert de smaak per gang. Daarom mag de champagne wat meer inhoud hebben. Een millésimé champagne komt uit één oogstjaar en heeft vaak meer rijping, complexiteit en diepgang. Blanc de noirs, gemaakt van blauwe druiven zoals pinot noir en meunier, geeft juist kracht, rijp fruit en structuur.

Beide stijlen kunnen goed naast gerechten staan met vis, gevogelte, paddenstoelen, romige sauzen of licht vlees. De frisheid van champagne houdt het diner levendig, terwijl de rijping en body genoeg tegenwicht geven aan het eten.

Champagne bij meerdere gangen

Je kunt een heel diner met champagne begeleiden. Begin fris met brut of blanc de blancs bij lichte gerechten. Ga daarna naar millésimé of blanc de noirs bij rijkere gangen, zoals gevogelte, kalf, vis met roomsaus of gerechten met truffel.

Bij kaas kan een rijpere champagne verrassend mooi werken. En bij dessert kies je liever sec of demi-sec, omdat brut vaak te droog wordt naast zoet. Zo bouw je het diner rustig op.

Serveertip bij diner

Schenk champagne bij het diner iets minder koud dan bij het aperitief. Rond 9 tot 11 graden komt er meer geur en smaak vrij.

Zeker bij millésimé, blanc de noirs of prestige cuvées proef je dan meer rijping, brioche, fruit en structuur. Gebruik een ruimer glas, zodat de champagne kan ademen. Dat maakt de combinatie met eten veel mooier.

Hulp nodig bij het zoeken?